UGLY BELGIAN HOUSES

Het is een stuk makkelijker om aandacht te besteden aan dingen die mooi zijn dan aan dingen die lelijk zijn, of die je lelijk vindt. Het lijkt er op dat er meer over mooie dingen geschreven wordt dan over lelijke dingen.
Een uitzondering is de site Ugly Belgian Houses van Hannes Coudenys.  Op deze site heeft hij foto’s gepubliceerd van ‘bijzondere’ huizen in België.

In een interview met de Volkskrant uit 2017 antwoordde hij op de vraag hoe hij op het idee kwam voor deze site.

“Vanuit een echte frustratie over hoe lelijk er wordt gebouwd in België. Ik postte een foto online met een woedend relaas eronder, en dat sloeg aan. Blijkbaar ben ik niet de enige die zich stoort aan de lelijkheid. Mettertijd is het format steeds beter geworden. De kwaadheid is geëvolueerd in humor.   […] Op een gegeven moment is alles wel gezegd over lelijke huizen. En inmiddels kan ik vaak juist de schoonheid van lelijkheid zien.”

Hannes Coudenys  onderscheidt twee soorten lelijkheid: saaie lelijkheid en experimentele lelijkheid.

“Die kille massa van huizen in Nederland, die allemaal op elkaar lijken, dat vind ik echt lelijk. In België ontwerpen veel mensen hun eigen huis en doen ze er gekke dingen mee, dat kan ik juist waarderen. […] Een huis waarvan de hele gevel is volgeschilderd met voordeuren, een huis dat is gemaakt van hooi of stro en eruit ziet als een vogelnest; ik vind het niet mooi, maar bewonder het experiment. Die mensen hebben geprobeerd het anders te doen, en daarvoor mogen we ze niet met de grond gelijk maken. Ik weet dat dat soort huizen scoren, de meeste mensen vinden anders lelijk, maar ik wil juist dat ze de saaiheid haten.”

Ik denk dat saaie lelijkheid voortkomt uit angst. Veel mensen kiezen voor zekerheid en dat is saaie traditionele degelijkheid. Bijvoorbeeld de bouw van nep jaren dertig huizen in Nederland. De huizen zien er precies uit zoals mensen het willen hebben. Daardoor verkopen ze gemakkelijk. Maar het is een vorm van ‘windowdressing’  want achter die gevels zijn de woningen heel basic en missen ze alle allures van de orginele dertiger jaren woningen.
Ik respecteer experimentele lelijkheid, dat is lef tonen om iets anders te willen, dat juich ik toe. Maar experimentele lelijkheid ontstaat daar waar mensen wel kijken maar niet echt zien wat er is en onbewust onbekwaam zijn om zelf een huis te ontwerpen.

Ik wandel veel en zie dan soms een mooi huis staan tegenover een lelijk huis. Allebei de bewoners hebben zelf gekozen voor het huis waarin ze wonen. We brengen 80% van onze tijd binnen door. Wie heeft daar dan geluk als die uit het raam kijkt?
Of een huis dat zonder aandacht aan een ander huis gebouwd is. Je ziet dat er geen relatie zit in de gevels en ik neem dan aan dat het zonder overleg met de buren is aangebouwd. Hoe wil je daar als buren gelukkig samenwonen?

Een huis zelf ontwerpen en bouwen kan prima maar je moet wel kijken naar het grotere geheel. Hoe ziet het hele huis er in de eerste oogopslag uit, hoe staat het in de wijk. Ik zie gezichten in de gevels van huizen: boze, bange, blinde, droevige, verbaasde, agressieve, lelijke en blije. Wat wil jij, als je de keuze hebt, met je huis uitstralen?

Klik hier voor het artikel uit de Volkskrant.

-- Lees meer --